Het domein van de wolf

15-02-2021 08:00

Categorie: Dieren

Het domein van de wolf

Foto: Sarah Varzideh, Redactie: Benjamin Varzideh

 

Duizenden jaren lang deelde de mens in West-Europa zijn leefgebied met de wolf, tot deze einde 19de eeuw uit onze contreien werd verdreven. Nu is hij terug.

 

Terwijl ze wordt gevoed door haar moeder, houdt vader vossen, dassen en ander mogelijk gevaar op veilige afstand. Honderden kilometers legt ze af, vooral ’s nachts, door de deelstaten Saksen, Saksen-Anhalt en Nedersaksen, waarna ze de provincie Drenthe binnenkomt. Ze jaagt met succes op edelherten, die drie keer zo zwaar zijn als zijzelf. Wanneer ze in februari 2019 meer dan een halfjaar op de Veluwe verblijft, is wolvin GW998f de eerste officieel in Nederland gevestigde wolf in 150 jaar.

Hier, niet ver van de Poolse grens, werden twintig jaar geleden de eerste wolven in Duitsland gesignaleerd. Inmiddels hebben zich 128 roedels in het land gevestigd. Met Mirte Kruit, boswachter bij Natuurmonumenten, wandel ik door het mulle zand langs de grens van het territorium waar GW998f dit jaar haar tweede nest jongen kreeg. Sinds de eerste geruchten over de terugkeer van de wolf in Nederland is Kruit betrokken bij de monitoring.

‘Vooral met de veerkracht van de natuur waar hij voor staat. Door de geschiedenis heen is de wolf vaak als boodschapper van de goden gezien. Fabels en sprookjes bezorgen de ‘boze’ wolf al eeuwenlang een slechte naam, en aanvallen op landbouwhuisdieren en ziekten als hondsdolheid hebben hem er in Nederland en België niet geliefder op gemaakt. Eind negentiende eeuw werd de wolf in heel West-Europa uitgeroeid en trok hij zich terug in de uitgestrekte bossen van Roemenië en Polen.

Vanaf dat moment waagde de wolf zich langzaam maar zeker uit de veilige beschutting van de Oost-Europese bossen en begon hij zijn opmars naar het Westen. ‘Daar kun je op tegen zijn of je kunt het fantastisch vinden, maar dat verandert niets aan het gegeven. Een groep getrainde vrijwilligers verzamelt DNA-gegevens uit keutels, haren en prooiresten, en over de hele Veluwe hangen op strategische plekken cameravallen om de wolven in beeld te krijgen. Hoewel wetenschappers het aantal wolven in Nederland inmiddels op tien tot vijftien schatten, waaronder een roedel op de Noord-Veluwe en een wolvin op de Midden-Veluwe, heb ik ze nog niet met eigen ogen mogen zien.

De wolf weet zich goed verborgen te houden. Maar hoe klein de kans op een ontmoeting ook is, de gemoederen rondom het dier lopen hoog op. Een wolf bakent de rand van zijn territorium af met urine, keutels en krabsporen. Volgens de boswachter is het juist in deze grenszone, waar wolven uit verschillende gebieden kunnen passeren, interessant om te weten wat de wolvenactiviteit is.

Een DNAmonster van deze keutel gaat dan ook naar Wageningen voor onderzoek. Daarna zie ik tientallen in plastic zakken verpakte dode dieren. In de laboratoria van de WUR komen alle DNAmonsters van in Nederland levende wolven binnen voor analyse. Dat geldt ook voor het DNA dat wordt gevonden op doodgebeten schapen.

Wanneer een boer een dood schaap in zijn weide vindt, schakelt hij een taxateur in van de overheidsorganisatie BIJ12. Deze stuurt foto’s rond die worden beoordeeld door experts. Als de foto’s niet kunnen uitsluiten dat een wolf de boosdoener is geweest, wordt er DNA afgenomen. Een vos of hond is meestal niet in staat om botten door te knagen,’ vertelt hij.

Uit onderzoek in de provincies Limburg en Drenthe blijkt dat in Nederland jaarlijks ten minste vierduizend schapen door honden en vossen worden gedood. Als projectleider van het wolvenonderzoek houdt Jansman zich bezig met genetische monitoring en verricht hij sectie als er ergens een dode wolf wordt gevonden. De dieren interesseren hem mateloos, en hij is dagelijks in een wolventerritorium te vinden. ‘De wolf houdt ons een spiegel voor,’ zegt hij, ‘de sociale structuren lijken op die van de mens.

‘Wolven worden vaak neergezet als agressief, maar eigenlijk zijn ze onderling erg vreedzaam. Dankzij nauwe samenwerking tussen onderzoeksinstituten in Duitsland, Denemarken, Polen en de Benelux is een omvangrijke databank ontstaan met wolven-DNA. Mocht er een wolf in Nederland opduiken waarvan het DNA niet is geregistreerd, dan is uit de databank meestal af te leiden waar de ouders vandaan komen. Tot voor kort waren alle wolven in Nederland en België te herleiden tot populaties uit Duitsland en Polen.

‘Dat was voor ons onderzoek een heel bijzonder moment,’ zegt Jansman. Voor de populatie wolven in Nederland is nieuw bloed een belangrijke aanwinst, zegt hij, want een grotere genetische variatie betekent meer vitaliteit onder de dieren.

Hebben de reuzenwolven uit Game of Thrones echt bestaan?
In Sasso Marconi, een gemeente in de bergen ten zuiden van Bologna , heeft Elisa Berti dagelijks te maken met wolven uit deze alpiene populatie. In 1989 openden Berti’s ouders er het Centro Tutela e Ricerca Fauna Esotica e Selvatica Monte Adone, een opvangcentrum voor zowel exotische huisdieren als wilde diersoorten, waaronder wolven. Volgens Berti, inmiddels hoofd van de opvang, groeit het aantal wolven in het berggebied nog altijd en verspreiden ze zich verder over West-Europa. Zo leven er in België inmiddels drie alpiene wolven, en zijn ze ook gesignaleerd in Duitsland.

’ In tegenstelling tot bijvoorbeeld een gewonde ree wacht een wolf geduldig op zijn beurt, en een muilkorf is vaak niet nodig. Het dier had 35 kogels in zijn nog onvolwassen lijf, was verlamd en buiten bewustzijn. Sindsdien krijgt ze verzoeken uit heel Italië en ver daarbuiten om wolven op te vangen en medisch te onderzoeken. In Nederland is het nog niet nodig geweest een gewonde wolf op te vangen, en is er ook nog geen protocol voor.

Het reddingsteam van Monte Adone daarentegen treft regelmatig zulke wolven aan in een hondenasiel. In een koelcel van het Leibniz-Institut für Zoo- und Wildtierforschung worden de lichaamsresten van dood gevonden wolven opgeslagen. Dat is volgens Berti niet alleen stressvol voor de dieren, het maakt een succesvolle uitzetting in het wild lastig. Van de 53 wolven die Monte Adone sinds 2012 heeft opgevangen, zijn er 37 weer uitgezet – helaas niet altijd met goede afloop.

Zijn roedel zwierf rond bij de boerderijen en at van dood achtergelaten boerderijdieren en kattenvoer. Hoewel de behandeling bij Monte Adone goed aansloeg en Geronimo zich na zijn uitzetting weer bij zijn roedel aansloot, wist hij niet te overleven. Wolven zijn van nature bang voor mensen en zullen ze in principe mijden. Drie weken na zijn vrijlating werd hij dood gevonden, zijn lichaam doorzeefd met hagel.

Met het opvangen en uitzetten van gewonde wolven is in Nederland en België nog geen ervaring opgedaan. Maar het verhaal van Geronimo bewijst dat het voeren van wilde dieren zoals wolven grote gevolgen kan hebben. Mocht er hier een wolf zijn die wordt gevoerd en daardoor zijn natuurlijke schuwheid verliest, dan geldt deze als probleemwolf, vertelt WUR-ecoloog Hugh Jansman. Maar ook ‘gewone’ wolven lopen een grote kans om te worden geschoten, zij het om andere redenen.

‘Sommige jagers en boeren zien wolven duidelijk liever gaan dan komen,’ zegt Jansman. ‘Daarom houden we er rekening mee dat illegaal afschot mede bepalend is voor hun overlevingskansen. ’ In 2015 werden er in Duitsland bijvoorbeeld veertien dode wolven gevonden, waarvan er vijf illegaal waren geschoten. De werkelijke cijfers liggen waarschijnlijk hoger, aangezien lang niet alle dode wolven worden gevonden.

Deze ervaring geeft hij aan zijn roedel door. ’ Juist omdat wolven elkaar binnen een roedel nodig hebben en hun jachttechnieken op elkaar overdragen, kunnen de overgebleven wolven stuurloos raken en probleemwolven worden, aldus Jansman. Dat Nederlandse dierenhouders bang zijn voor de komst van de wolf, is niet vreemd. De terugkeer van de wolf brengt voor sommige boeren extra zorgen met zich mee.

Anderzijds vergoedt de overheid de schade die ontstaat door wolven en geven sommige provincies subsidies voor beschermingsmaatregelen, zoals speciale wolfwerende hekken. Nu de wolf dankzij zijn beschermde status niet meer acuut met uitsterven wordt bedreigd, is de volgende stap om hem te laten integreren. De wolf is in Nederland en België een onderdeel van het landschap geworden, en als we zijn beschermde status serieus nemen, dan zullen we dat moeten accepteren. Inclusief de problemen die zijn aanwezigheid soms met zich meebrengt.

Voor elk dier maakt Luigi Molinari van het Wolf Apennine Center een halsband op maat die flexibel is en oprekt naarmate het dier groeit. In OostEuropa en in de Kaukasus was hij betrokken bij beschermingsprojecten van grote roofdieren, waaronder wolven. ‘Het bijzondere aan de wolf is dat hij hoe dan ook zijn eigen weg weet te vinden,’ vertelt hij. ‘Of het nu wildernis of cultuurlandschap is, zolang er plekken zijn met voldoende rust en voldoende voedsel, kan hij zich er vestigen.

’ Van Maanen legt uit hoe wolven een regulerende rol in het landschap kunnen vervullen. De aanwezigheid van de wolf heeft ook gevolgen voor de flora. ’ De ecoloog plaatst regelmatig cameravallen en is tevreden als hij een wolf weet vast te leggen, maar interessanter vindt hij hoe het dier zich gedraagt in het landschap en de gevolgen die dat heeft voor het ecosysteem. De voetafdrukken, geluiden, keutels en prooiresten die hij registreert tijdens zijn veldwerk, geven daarvan een steeds duidelijker beeld.

Zo blijkt onder meer in Duitsland, waar de eerste wolf zich in 2000 vestigde en er inmiddels 128 roedels zijn. Na de Conventie van Bern en de val van de Muur kregen wolven vrije doortocht en vonden ze in bossen, op militaire oefenterreinen, maar ook in industriële gebieden voedsel en rust om zich voort te planten. Het onderzoek naar wolven wordt in Duitsland uitgevoerd door het Leibniz-Institut für Zoo- und Wildtierforschung in Berlijn. ‘Dode wolven uit alle deelstaten komen bij ons binnen en ondergaan onderzoek op basis van menselijke forensische geneeskunde,’ zegt IZW-directeur Heribert Hofer.

Hofer vertelt dat de angst voor de wolf onder de Duitse bevolking sinds de komst van het dier geleidelijk is afgenomen. Toen twintig jaar geleden de eerste wolven zich vestigden in de oostelijke regio Lausitz, tegen de Poolse grens, waren mensen bang om alleen het bos in te gaan. ‘Inmiddels gaan mensen zonder problemen op zondagmiddag met het hele gezin paddenstoelen plukken in het bos, zonder vrees voor een confrontatie met een wolf. Schapenhouders proberen met stroomdraden en kuddebewakingshonden wolven van hun dieren weg te houden, maar volgens Hofer gebeurt dit nog niet voldoende.

Uit Duits onderzoek blijkt dat bij voldoende wolfwerende maatregelen het aantal schapenbeten afvlakt, ook als het aantal wolven groeit. Op plekken waar deze nooit zijn weggeweest, is hun aanwezigheid volgens hem veel minder controversieel. ‘In Roemenië leven mensen dagelijks met beren en wolven, in Tanzania is de bevolking vertrouwd met hyena’s en leeuwen. In West-Europa daarentegen luidt een veelgehoord argument dat wolven hier niet meer horen, dat er geen ruimte voor ze is.

’ Om ook op de lange termijn voldoende draagvlak voor de aanwezigheid van de wolf te creëren, is het volgens Hofer van belang dat de argumenten en zorgen van de buitengebieden serieus worden genomen. In haar oude woonboerderij aan de rand van het bos in het Groningse Midwolda, legt Hulshof uit dat de provincie Gelderland boeren subsidie geeft voor de aanleg van stroomdraden om zo hun vee veilig te houden. ‘Natuurlijk is het voor iedere schapenboer vreselijk als je schapen dood in je weiland vindt,’ zegt ze. Hoewel een wolf gemakkelijk daaroverheen kan springen, zal hij er in eerste instantie voor kiezen onder een draad door te gaan, aldus Hulshof.

Hulshof benadrukt dat het vooral om zwerfwolven gaat, meestal jonge dieren die op zoek zijn naar een eigen territorium en voor een schaap kiezen als snelle snack tussendoor. Om die reden is het volgens haar belangrijk dat boeren preventief hekken plaatsen om te voorkomen dat een wolf leert dat schapen een makkelijke prooi zijn en zich tot een probleemwolf ontwikkelt, zoals Geronimo. Wolf-Fencing hoopt met het beschermen van de schapen ook het maatschappelijk draagvlak voor de wolf te vergroten. Dierenarts Michiel Sturkenboom van Dierenzorggroep Lek en Linge maakt zich klaar voor euthanasie van enkele zwaargewonde dieren.

Regelmatig hoor ik mijn medejagers zeggen dat roofdieren als de wolf hier niet thuishoren omdat er voor hen in ons cultuurlandschap te weinig wild voedsel zou zijn. Is dat ook zo? ‘Wolven laten de restanten van hun prooi in het veld liggen,’ zegt Cees de Jong, faunabeheerder van Staatsbosbeheer op de Veluwe. Als faunabeheerder is De Jong in zijn gebied verantwoordelijk voor het jaarlijkse afschot van vijfhonderd zwijnen en tweehonderd herten om het ecosysteem in evenwicht te houden. Deze uitheemse schapensoort neemt in de bergachtige gebieden waar hij vandaan komt bij gevaar zijn toevlucht tot moeilijk begaanbare rotsen.

Bij gebrek daaraan op de Veluwe vrezen experts dat de moeflons een gemakkelijke prooi zijn geweest voor de zich vestigende wolven. Uiteindelijk zorgt de mens voor de meeste verstoring, zegt hij. Wanneer ik uitkijk over de zandvlakte, de herten voor me zie staan en luister naar hun indrukwekkende geburl, bedenk ik me dat zij hun leefgebied nu moeten delen met een nieuwe jager. Maar debat of geen debat, wolven nemen simpelweg de ruimte in die ze krijgen en passen zich aan de nieuwe omstandigheden aan.

De laatste maanden zijn mijn wandelingen over de Veluwe veranderd. De wetenschap dat de wolf hier ronddwaalt, zijn jongen voedt en met zijn familie op herten, reeën en zwijnen jaagt, geeft mijn dwaaltochten een extra dimensie. In het Wolf Science Center in het Oostenrijkse Ernstbrunn wordt onderzocht hoe de wolf zich in veertienduizend jaar tijd heeft geëvolueerd tot hond en welke eigenschappen daarbij zijn behouden. Daartoe houdt het WSC een groep honden en wolven onder dezelfde omstandigheden en voert het experimenten uit om te kijken hoe ze verschillen in samenwerking, hormoonhuishouding en gedrag.

Hier dient alfawolf Kaspar een menselijk gezicht op een touchscreen aan te raken met zijn neus. Het WSC stelde onder meer vast dat wolven goed samenwerken om een probleem op te lossen als daar voedsel tegenover staat, terwijl honden wachten op hulp van de mens. Een waarschijnlijke verklaring is dat samenwerking voor wolven, anders dan voor honden, van levensbelang is.