Is een wereld zonder afval mogelijk?

22-01-2021 08:00

Categorie: Milieu

Is een wereld zonder afval mogelijk?

Foto: Yasamin Varzideh, Redactie: Dylan Meijer

 

Een wereld zonder afval lijkt een utopie. Maar het droombeeld van een circulaire economie vormt een bron van inspiratie voor bedrijven en milieubeschermers.

 

Robotkranen mengen het afval zodat de verbranding minder vervuilend is. Een schonere oven is een goed alternatief voor een stortplaats, maar in een circulaire economie is het streven om helemaal geen afval meer te produceren. Kijk hier voor de programmering vanaf 20:00 uur. Een eeuw geleden, toen er nog volop koffie, olie en rubber uit Nederlands-Indië werden verscheept, werd dit gebouw neergezet om het Koninklijk Instituut voor de Tropen te huisvesten.

 

Tegenwoordig is het een onderkomen voor diverse non-profitorganisaties. Marc de Wit werkt voor een ervan, Circle Economy. De organisatie maakt deel uit van een actief internationaal netwerk dat streeft naar het hervormen van vrijwel alles wat we de afgelopen twee eeuwen hebben bereikt. Maar de industriële economie is voor het overgrote deel lineair.

 

In het schema lopen de brede, gekleurde stromen van de vier typen grondstoffen van links naar rechts, en splitsen ze zich wanneer ze worden verwerkt in producten die zeven menselijke behoeften vervullen. Ertsen worden verwerkt in schepen, auto’s en maaidorsers. In één enkel jaar oogsten we, alleen om ons allemaal te voeden, al 20,1 miljard ton aan biomassa. Fossiele brandstoffen drijven die voertuigen aan, houden ons warm, vormen een grondstof voor plastic en daarmee allerlei andere producten. De vuilverbrandingsinstallatie in Kopenhagen, bijgenaamd CopenHill, zet jaarlijks 534.600 ton afval om in energie waarmee 72.000 huishoudens zich warm houden en 30.000 huizen van elektriciteit worden voorzien.

 

Het probleem openbaart zich pas daarna, nadat onze behoeften zijn bevredigd, en kan met recht de moeder der milieuproblemen worden genoemd. In 2015, legt hij uit, glipte ongeveer twee derde van de grondstoffen die we uit de aarde hebben gewonnen ons door de vingers. Een derde van al het voedsel bederft, terwijl het Amazonegebied wordt gekapt om meer te produceren. Het klinkt misschien onnozel, maar de cijfers van De Wit zijn een openbaring voor me.

 

En ja, we staan voor reusachtige uitdagingen. De Wit wijst op een smalle pijl die naar rechts loopt en langs de onderkant van het schema en vervolgens weer terug naar links. Het zijn alle grondstoffen die we, bijvoorbeeld door recycling en compostering, hebben teruggewonnen. De ‘circularity gap’, zoals De Wit en zijn collega’s het gat naar een volledig circulaire economie noemden toen ze hun rapport in 2018 presenteerden op het World Economic Forum in Davos, is een relatief nieuw begrip.

 

Doordat er een limiet zit aan onze spierkracht, brachten we maar een beperkte schade toe aan onze planeet. Het werd eenvoudiger om ruwe grondstoffen te delven, naar fabrieken te brengen en als eindproducten de wereld in te sturen. Dankzij fossiele brandstoffen zijn onze mogelijkheden explosief gegroeid, en het einde is nog lang niet in zicht. In de afgelopen vijftig jaar is de wereldbevolking meer dan verdubbeld, maar de hoeveelheid grondstoffen die in onze economie rondgaat is verdrievoudigd.

 

In diezelfde vijftig jaar waarschuwden milieubeschermers daar al voor. Maar de voorstanders van de circulaire economie gooien het over een andere boeg. Met vertrouwde strategieën als ‘reduceren-hergebruiken-recyclen’ en nieuwe als ‘huren, niet kopen’ willen ze de wereldeconomie hervormen en zo een einde maken aan het afvalprobleem. Het doel is niet de economische groei tot staan te brengen, maar om de weg vrij te maken voor duurzame groei in de toekomst, door het gebruik van grondstoffen te harmoniseren met de natuur.


‘Welvaart in een wereld van eindige hulpbronnen,’ zo verwoordde de Europees commissaris voor Milieu Janez Potočnik het ooit in een voorwoord bij een rapport van de Ellen MacArthur Foundation. Nederland heeft toegezegd in 2050 volledig circulair te zijn en Europese steden hebben grootse plannen. Een man die niet twijfelt aan de mogelijkheden en met zijn werk al veel anderen heeft geïnspireerd, is de Amerikaanse architect William McDonough. Daarin stellen ze dat producten en economische processen zo kunnen worden ingericht dat al het gecreëerde afval de basis vormt voor een nieuwe grondstof.


‘Maar je moet luchtfietsen om verder te komen. De energiecentrale Hellisheiði, de grootste geothermische installatie op IJsland en de op twee na grootste ter wereld, produceert elektriciteit en warmte voor huishoudens. Niet veel later breng ik mijn oude verfomfaaide tas op wieltjes weg ter reparatie en trek eropuit, op zoek wat de circulaire economie in de praktijk betekent.


Metalen
Van zijn jeugd in Tokio herinnert McDonough zich nog dat hij ’s nachts wakker werd van de boeren die het toiletafval kwamen ophalen. Zijn moeder zong hem in slaap met Japanse liedjes over poep. Op de binnenplaats van de kopersmelterij Aurubis in Lünen, in het Duitse Ruhrgebied, staat een grote buste van Lenin in een bloemperk, een aandenken aan de vele bronzen Lenins uit Oost-Duitsland die hier na de Duitse eenwording in 1990 zijn omgesmolten. Toen de fabriek hier in 1916 werd gebouwd, tijdens de Eerste Wereldoorlog, was er een tekort aan koper voor granaathulzen en haalden de Duitsers bronzen klokken uit kerktorens.


‘Sindsdien heeft deze fabriek alleen maar gerecycled,’ zegt adjunct-directeur Detlev Laser. In de Blue Lagoon, een populaire toeristenattractie, wordt geothermisch verwarmd water gebruikt waarmee in de Svartsengicentrale elektriciteit is opgewekt. In Lünen worden nog steeds grote hoeveelheden koper verwerkt, voornamelijk buizen en kabels. Maar tegenwoordig moet men de bedrijfsvoering aanpassen aan reststoffen met veel lagere concentraties.


Aangezien afval in Europa tegenwoordig naar de verbrandingsinstallatie gaat en niet meer naar de stort, komt er veel afval binnen dat kleine beetjes metaal bevat ‘doordat iemand zijn telefoon bij het afval gooit’ en niet naar een inleverpunt brengt. Samen met Hendrik Roth, hoofd milieuzaken van de fabriek, kijk ik toe hoe een graafmachine grote scheppen elektronisch puin, waaronder laptops, op een schuin oplopende transportband laat vallen, waarna het naar een shredderinstallatie gaat. Wereldwijd wordt volgens een VN-rapport uit 2017 niet meer dan een vijfde van al het elektronische afval hergebruikt. De productie van Aurubis bestaat maar voor een derde uit hergebruikt koper, de rest komt nog steeds uit mijnen.


‘Daar valt niet tegenop te recyclen.

 

Kleding
Ze had proviand voor 72 dagen. Daarbij worden verschillende strategieën toegepast. In het Italiaanse Prato worden al sinds de 12de eeuw wollen stoffen geproduceerd en textiel verwerkt. Tussen 2000 en 2015 is de wereldbevolking met twintig procent gegroeid, maar de kledingproductie steeg met vijftig procent.


In dat jaar gooide de hele wereld voor ruim vierhonderd miljard euro aan kleding weg. Jorik Boer verdient zijn brood aan afdankertjes. Vanuit zijn kantoor in Dordrecht geeft Boer leiding aan vijf vestigingen in Europa. Per dag wordt daar zo’n 460 ton kleding verzameld en vervolgens verkocht voor hergebruik.


Mensen hebben geen idee wat er gebeurt met kleding die ze in een container gooien. Ze gaan ervan uit dat die rechtstreeks wordt verdeeld onder noodlijdenden. Maar in de praktijk wordt kleding vaak opgekocht door bedrijven als Boer, gesorteerd en over de hele wereld doorverkocht. De wol wordt gesorteerd op kleur, gewassen en uitgerafeld, en opnieuw gesponnen.

 

Slechts één procent van het textielafval wordt momenteel verwerkt tot nieuwe kleding. Door het raam achter hem zie ik een aantal vrouwen behendig kleren van transportbanden pakken, elk stuk bekijken en het vervolgens in een van de ongeveer zestig zakken achter zich gooien. Om dit werk te kunnen doen, moet je wel enige affiniteit met mode hebben en oog hebben voor kwaliteit in het bijzonder voor de beste stukken, die maar vijf tot tien procent van het totaal uitmaken en Boer zijn winst bezorgen. Textiel van mindere kwaliteit wordt in balen van 55 kilo naar Afrika verscheept, waar het voor slechts vijftig cent per kilo wordt verkocht.

 

‘Dat raken we aan de straatstenen niet kwijt,’ zegt hij vrolijk. ‘Niemand op de hele wereld wil dat hebben. Op dit moment krijgt hij meer kleding binnen dan hij kan verwerken, voornamelijk uit Duitsland, waar 75 procent van de afgedankte kleding wordt gerecycled nadat ook gemeentebesturen zich ermee zijn gaan bemoeien. Kleding dragen is beter voor de planeet de grondstoffen en energie die nodig waren voor de productie hoeven niet te worden vervangen en voor Boer.

 

De andere veertig procent, de kleren die niemand wil hebben, wordt gerecycled tot poetsdoeken of uit elkaar gerafeld en gebruikt als isolatiemateriaal of vulling voor matrassen. Een deel wordt verbrand. Het gerecyclede gedeelte bestaat voor een steeds groter deel uit goedkoop gemaakte, versleten kleding waarop Boer verlies draait. Fast fashion kan de nekslag voor zijn bedrijf zijn, zegt hij.

 

Zijn bedrijf brengt al tientallen jaren wollen truien en andere los gebreide kleding naar bedrijven in Prato, Italië. Daar wordt de wol machinaal uitgehaald tot lange vezels, waarvan vervolgens weer kledingstukken worden gemaakt. Kledingverhuurbedrijven maken tot nu toe nog geen 0,1 procent uit van de wereldwijde modebranche, maar dat aandeel groeit snel. En huren betekent dat de kleren verpakt, vervoerd en chemisch gereinigd moeten worden.


Voedsel
Maar persoonlijke keuzes maken wel degelijk verschil. In 2008 voerde het Waste and Resources Action Programme, waaraan Goodwin destijds leiding gaf, een van de eerste onderzoeken uit naar voedselverspilling. De non-profitorganisatie graaide bij ruim 2100 Britse gezinnen door de vuilnisbak met hun toestemming, waarna al het weggegooide voedsel werd gewogen. Daarmee zijn ze geen uitzondering.


Wereldwijd wordt ongeveer een derde van al het voedsel weggegooid, wat jaarlijks bijna een biljoen euro kost. Die cijfers zijn afkomstig van Richard Swannell, directeur van WRAP. WRAP startte enthousiast een pr-campagne en zocht naar samenwerkingen om tips tegen voedselverspilling te verspreiden. Voedselfabrikanten werden overgehaald om eenvoudige maatregelen door te voeren, zoals de houdbaarheidsdata duidelijker te vermelden, kleinere en hersluitbare verpakkingen te gebruiken en op te houden met ‘twee-halen, één-betalenaanbiedingen’ voor bederfelijke producten.


Soja als eiwitbron in veevoer kan wellicht worden vervangen door gekweekte zwarte soldaatvliegen. Sinds kort vertraagt die vooruitgang, maar niemand had ooit verwacht dat je slechts met gezond verstand kon voorkomen dat er voedsel werd weggegooid. Elke keer wanneer een kok of iemand van de bediening iets in de bak gooit, wordt het gewogen en gefotografeerd. Nu er ook restaurants zijn in Utrecht en Den Haag, begint het interessant te worden.


‘Een restaurantketen starten was niet bepaald het plan,’ zegt ze. ‘Helemaal niet, zelfs. Bij Schiphol worden wilde ganzen die het vliegverkeer hinderen afgeschoten, legt Van Nimwegen uit. De ingrediënten komen van Albert Heijn, maar ook rechtstreeks van producenten of boeren.


‘Maar de hele leveringsketen, ook de klant, wil altijd alles op voorraad hebben. We zijn gewoon verwend. Bedrijven willen geen nee verkopen, dus zorgen ze dat ze altijd een beetje te veel in huis hebben. ‘Het belangrijkste voor ons is dat we grotere hoeveelheden kunnen afzetten,’ legt ze uit.


Kansen
Om te ontsnappen uit de valkuil waarin we met de lineaire economie zijn terechtgekomen, en terug te keren naar een natuurlijker economisch model, zullen we out of the box moeten denken. Daar wordt afval verbrand om energie op te wekken. De voorzitter van de groep, Michael Hallgren, is hoofd van een Novo Nordisk-vestiging waar de helft van alle insuline ter wereld wordt geproduceerd en samen met zusterbedrijf Novozymes brengt het 330.000 ton afgewerkte gist voort. Dat waterige mengsel gaat in vrachtwagens naar een bio-energiecentrale, waar het door micro-organismen wordt omgezet in biogas voor zesduizend huishoudens en mest voor ruim twintigduizend hectare grond.


En dat was slechts één van de 22 recente momenten waarop in de Kalundborgsymbiose afvalwater, energie of reststoffen wordt uitgewisseld. Er kwam een bedrijf in wandplaten naar Kalundborg, mede omdat het restgas van de olieraffinaderij als goedkope energiebron kon worden gebruikt. Een gemiddelde varkenshouder uit het stadje Velen, waar ik Doris Nienhaus tref, is 36.000 euro per jaar kwijt om de bijna tweeduizend ton vloeibare mest uit zijn bedrijf naar grond te rijden die nog niet van mest verzadigd is. Op vliegbasis Davis-Monthan in Tucson, Arizona staan bijna drieduizend overheidsvliegtuigen en overheidshelikopters die niet meer worden gebruikt.


Toestellen worden gereviseerd of bruikbare onderdelen worden eruit gehaald. Deze voorziening, die vaak ‘het kerkhof’ wordt genoemd, is de grootste in haar soort.


Zij kwam met het idee van een installatie waar de basisbestanddelen uit de mest worden gehaald. De mest van hun bedrijven wordt verteerd door micro-organismen, en het biogas dat daaruit ontstaat, drijft een generator aan die de energie voor de installatie levert. Het teveel aan elektriciteit wordt teruggeleverd aan het net. Met snelle centrifuges, een gepatenteerde polymeer en hete ovens wordt de mestbrij gescheiden in een bruine vloeistof die rijk is aan stikstof en kalium, en een bruine as die voor 35 procent bestaat uit fosfor.


Ik zag treinen met 110 wagons vol mais uit Iowa het station van Hereford in Texas binnenrijden, en op de boerderij zag ik de bergen mest die naar plaatselijke boeren ging. Zou dat niet terug moeten naar Iowa om de mais te bemesten? vroeg ik. Maar als er een installatie als die van Nienhaus had gestaan, hadden alleen de voedingstoffen op transport gehoeven. Misschien kan de cirkel weer worden gerepareerd.


Eben Bayer deed zijn uitvinding in 2006. Tijdens zijn ingenieursopleiding volgde hij colleges over innovatie. Het eerste product dat hij en zijn partner Gavin McIntyre met hun firma Ecovative Design maakten, was verpakkingsmateriaal. Bayer en McIntyre ontdekten dat het materiaal in mallen van elke mogelijke vorm kon worden gekweekt.


In de afgelopen tien jaar heeft Ecovative meer dan vijf miljoen kilo aan verpakkingen geproduceerd, van hoekbeschermers tot displays voor cosmetica. Sinds kort pakken ze het groter aan en produceren ze dingen die honderd procent schimmel zijn. Ecovative heeft ontdekt hoe je mycelium kunt foppen zodat het aan één stuk door in niet-doorlatende lagen groeit. Met hulp van investeerders en 9,2 miljoen dollar van het Amerikaanse ministerie van Defensie zet Ecovative nu een laboratorium op waar allerlei producten uit mycelium ‘gekweekt’ kunnen worden van schoenzolen en vegan leer tot eetbare structuren voor kunstvlees.


In de cradle-to-cradlevisie bestaat afval niet eens als concept. Elk materiaal is een goed ontworpen ‘technische bouwstof ’ die eindeloos kan worden hergebruikt, of een biologische die je veilig kunt eten of composteren.


Bayer deelt die opvatting, maar hij denkt dat de meeste dingen in de toekomst organisch zullen zijn.


Voorbij goed en kwaad
Dat we zo veel afval produceren, betekent niet dat we slecht zijn, hooguit een beetje dom. Wanneer ik in Hamburg Michael Braungart ontmoet, heb ik mijn notitieboekje nog niet opengeslagen of hij komt al met zijn belangrijkste punt. Hij is zijn carrière begonnen als actievoerder bij Greenpeace, waar hij demonstraties bij chemiebedrijven organiseerde, en heeft sindsdien veel bedrijven geadviseerd. Daardoor is binnen de milieubescherming het idee ontstaan dat de natuur goed is en de mens en zijn effect op de natuur per definitie slecht, en dat we de schade hooguit kunnen beperken.


In Braungarts ogen is dat verkeerd en niet ambitieus genoeg. Park 20|20 is inmiddels voor driekwart voltooid en oogt al groen en plezierig. De gevels zijn allemaal verschillend, de werkruimten uitnodigend, alle energie is duurzaam en het afvalwater wordt ter plekke gerecycled. Nu heeft een gebouw van zeven verdiepingen de hoogte van zes in de traditionele bouw en is er in totaal dertig procent minder materiaal voor nodig.


Op een herbruikbaar substraat van gerecyclede plastic flessen wordt bladgroente geteeld. De wortels worden van onderaf beneveld, wat 95 procent aan water bespaart. De gewassen worden belicht op een golflengte waarbij ze goed gedijen. Bovendien zijn de vloeren plafonddelen zo ontworpen dat ze kunnen worden verwijderd en hergebruikt als het gebouw anders ingedeeld of afgebroken wordt.


De gebouwen op Park 20|20 fungeren als ‘materiaalbanken’ en dat terwijl bouwmaterialen elders de grootste afvalstroom zijn die er op stortplaatsen aankomt. In het kantoor van McDonough zit ik op een oude Herman Miller-bureaustoel die is bekleed met het eerste product dat Braungart en hij ooit ontwierpen, een weefsel van wol en ramie, dat van een brandnetel wordt gemaakt. Terwijl McDonough uitweidt over Leibniz en een wereld vol mogelijkheden, dwalen mijn gedachten af naar een oude film, Diner, die ik beter ken. Voor het opzetten van een circulaire economie is een ingrijpende cultuurverandering ter grootte van de industriële revolutie nodig.


’ Het was mijn generatie die als verloren wordt beschouwd, maar ik nam het hem niet kwalijk. Maar zelfs dan dragen we ons steentje bij.


Dit eiland wil volledig afvalvrij worden door te recyclen
Daarvoor in de plaats wil het eilandbestuur nu voor een heel nieuwe benadering kiezen.